vrijdag 5 november 2010

Observatie Les Godsdienst: Beschrijving van de les en de vijf geboden van goed godsdienstonderwijs

1) Inleiding

Ik was erg benieuwd naar het lesje godsdienst bij mij op de werkplek. Ik kon me moeilijk een voorstelling maken van wat het precies zou worden of moeten zijn en ik was benieuwd of de aspecten die we in de les geleerd hadden qua theorie terug te vinden waren in de praktijk.

2) Beschrijving van de les

De juf heeft vijf grote prenten op het bord gehangen met tekeningen op. Al snel viel het me op dat het een verhaal was in chronologische volgorde. Het was het verhaal van de blinde bedelaar die door Jezus weer kon zien. De kinderen moesten aan de hand van de prenten zelf het verhaal samenstellen. Ik heb kindjes van het tweede leerjaar, dus heel simpel was dat niet voor hen. Met een beetje hulp van Juf Cindy konden ze het verhaal uiteindelijk wel vertellen. Achteraf mochten ze een van de prenten in het klein kiezen, in stukken knippen en weer aan elkaar plakken op een apart blad. Dit was de les godsdienst.

3) Hoe werd dit aangepakt en onthaald?

De kinderen waren oprecht, hadden oprecht interesse in de tekeningen en het verhaal. Juf Cindy ( mijn mentor) liet de kinderen zelf het verhaal vertellen aan de hand van de gezichtsuitdrukkingen en houdingen van de mensen die op de tekeningen staan. Ze zien een man met zijn hand uitgestoken en een doek rond zijn ogen, de man kijkt helemaal niet gelukkig en de andere mensen op de kaart kijken boos naar hem. Zo kunnen de kinderen afleiden wat er aan de hand is. Dit werd ook gedaan in klasverband, waardoor ze elkaar konden helpen en aanvullen. De laatste tekening is er eentje met Jezus ( afgebeeld in lang wit kleed, baard,..) en een blije bedelaar zonder zijn band rond zijn ogen. De kinderen zagen dat dit een heel andere houding was en konden daardoor dus het einde vertellen van het verhaal. Nadien vertelde juf Cindy het verhaal helemaal aan de kinderen.

Een bepaald moment gebeurde er iets zeer moois in de les. Na het vertellen van het verhaal door de juf stak er een kindje zijn hand op. Hij had de vraag of dit echt gebeurd was en of ze dat konden geloven. De juf stond zelf even perplex en wist in eerste instantie niet goed wat zeggen. Ze legde uit dat zulke verhalen eerder gebruikt worden als een boodschap. Ze zei dat dit verhaal was van heel lang gelden en dat ze niet echt wist of het waar was of niet. Dat het eerder was gemaakt om iets duidelijk te maken. Ze vertelde dat dit een verhaal was dat doorverteld was van de ene persoon op de andere en daar dingen vergeten waren en dingen bijgemaakt. Dat dit verhaal eerder bedoeld was om ons iets te zeggen.
Hetgene dat ontbrak was dat juf Cindy niet vertelde of uitlegde aan de kinderen wat dan datgene was dat het verhaal ons wou vertellen...
Nadien heb ik nagedacht hoe ik dat aan zou pakken en ben ik de bib ingetrokken. Daar vond ik een boek met allemaal geloofsvragen van kinderen over Godsdienst ( titel : Waar woont God? Door Erwin Roosen geschreven, uitgeverij Averbode). Daar vond ik zeer mooie antwoorden in die ik even zou willen citeren.
" Zijn wonderverhalen over Jezus echt gebeurd?
Waar rook is is vuur zegt het spreekwoord. Dat Jezus bijzondere dingen heeft gedaan, lijkt dus logisch te zijn. Anders zouden ze nooit zoveel wonderen aan Hem toegeschreven hebben. Niemand twijfelt er bijvoorbeeld aan dat Hij zieken heeft genezen. Maar hoeveel en hoe, daar hebben we het raden naar. of alle wonderverhalen van Jezus echt gebeurd zijn, weten we dus niet. Maar is dat belangrijk? Ik denk van niet! Want de belangrijkste vraag is waarom men vertelt dat Jezus wonderen deed. En dan komen we heel dicht bij de kern van ons geloof: omdat Hij de zoon van God is!... Jezus is overigens niet de enige van wie wordt verteld dat Hij wonderen deed. Denk maar aan Mozes, die de Rietzee in tweeën spleet ... Om door de Kerk erkend te worden als heilige, moeten er trouwens twee wonderbaarlijke genezingen aan die persoon in kwestie worden toegeschreven."
"Moet je de bijbel letterlijk lezen?
... De meeste oude verhalen geven geen historische weergave van de werkelijkheid. Sommige verhalen zijn zelfs helemaal verzonnen. Neem nu het verhaal over de profeet Jona. Misschien ken je hem wel van zijn avonturen in de buik van een walvis. Natuurlijk is dat niet allemaal echt gebeurd en moet je die verhalen niet letterlijk lezen. Ze willen gewoon iets duidelijk maken voor de lezers. En omdat ze verder gaan dan gewoon het oppervlakkige, gebruiken ze daar symbolische taal voor.... Maar om de boodschap beter over te laten komen, worden ook die verhalen vaak overdreven. Daarom is het niet meer zo eenvoudig om te ontdekken wat echt bij de geschiedenis hoort en wat niet..."

Juf Cindy had het dus bij het rechte eind om zo een uitleg te geven aan de kinderen.

4) Hoe komen de vijf geboden van goed godsdienstonderwijs aan bod?
1°Verken met de kinderen de levensbeschouwelijke dimensie van het leven ( groei).
Dit heeft Juf Cindy zeker gedaan. Ze heeft ingespeeld op de levensvragen van de leerlingen. Toen dat ene jongetje die belangrijke en toch zeer kritische vraag vroeg was de hele klas erg nieuwsgierig naar dat antwoord. Ze hingen aan de lippen van de juf. Ze hadden na dat antwoord ook zeker door dat er iets bedoeld werd met het verhaal dat ze net besproken hadden. Als dit even kan blijven sudderen in hun hoofdje zal hun beeld van godsdienst langzaam veranderen en de echte betekenis die die verhalen hebben ook vlugger oppikken. het was een mooie gelegenheid om dat eerste gebod in zijn werk te zien.

2° Wek daarbij hun belangstelling voor elementen van christelijk geloven ( traditie).
Echte traditie is hier niet aan bod gekomen. Maar toch hebben de kinderen ergens de rijkdom van het geloof geleerd. Door die geloofsvraag hebben ze verder nagedacht over godsdienst. Ik denk dat dat sowieso bijdraagt aan de rijkdom van het geloof. Ze hebben geleerd dat ze veel kunnen zien op de tekeningen aan de hand van gezichtsuitdrukkingen, houdingen, met andere woorden, het belang van emoties. En emoties is een woord dat je niet van het geloven in God kunt loskoppelen ( mensen steunen op God in zware tijden, als ze ongelukkig of verdrietig zijn, danken God in blije tijden, als het goed gaat en ze gelukkig zijn, geloven in God als de wanhoop nabij is omdat hoop doet leven,...). Deze boodschap hebben de leerlingen zeker meegekregen.

3° Geef de kinderen kans om zelf actief te leren, te verkennen, na te denken, te ontdekken, ...
Dit is zeer sterk aan bod gekomen. De kinderen moesten eigenlijk alles zelf doen en werkten zeer actief mee in de les. Zij moesten het verhaal zelf maken, zij mochten het vertellen en aan het bord komen aanduiden waarom ze dat zeiden of hoe ze dat zagen, op het einde mochten zij een tekening kapot knippen en terug aan elkaar plakken. Het was aan de hand van materiaal, tekeningen die iets uitbeelden.

4° Maak verscheidenheid binnen en buiten de klas zichtbaar en relevant voor het leren.
Omdat de hele klas actief mocht meewerken en mocht zeggen wat zij zagen op de tekeningen waren er verschillende meningen. Toch is dat goed opgelost omdat er geen foute antwoorden waren, dat was vooraf gezegd geweest. Een meisje zei dat de bedelaar droef keek omdat hij honger had. Waarop een ander kind zei dat dat niet waar was, dat hij droef was omdat hij blind was. De juf zei dat het goed kon dat hij droef was om beiden. Zo maakten de kinderen een verhaal met veel meer elementen dan dat ze alleen zouden gebruiken een aanvaarden ze dat een andere mening evenzeer kan. Soms zeiden een paar leerlingen ook een ' ah ja!' als medeleerlingen iets zeiden, daardoor leerden ze ook van elkaar door te letten op details en naar elkaar te luisteren..

5° Bied de kinderen ruimte om hun eigenheid als mens en gelovige te vinden, te uiten, te beleven, te vieren ook.
In de godsdienst les is dit niet zozeer aan bod gekomen, toch is er veel ruimte in de klas en in de school om dat te doen. De dag nadat ik dit lesje gevolgd had was er een viering in de school. Deze viering kan je zien als een gezellig samenzijn en een moment voor een lach of traan. Vorig jaar is er een leerkracht van de school overleden en ook in mijn klasje zit er een meisje dat haar mama recent heeft verloren. Tijdens deze viering werd er gesproken over deze dingen met de diaken en vele kinderen hebben een traan moeten laten. Ik vind evenzeer dat zo een moment niet steeds onder de les godsdienst moet gebeuren. Dit is voor kinderen zeer belangrijk. Ook na deze viering is de les niet terug herbegonnen. het was onmogelijk om toen van de kinderen te vragen om zich terug te concentreren en in hun rekenboekjes te duiken. Er werd tijd gemaakt om de emoties een plaats te geven en de kinderen te troosten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten